Interieur
Tegeltjes combineren tot een galerijwand
Meerdere kleine tegels worden één sterke compositie of één rommelige muur, en dat wordt beslist voordat je de boormachine pakt.
3 min lezen
In dit artikel
Eén tegel is een klein voorwerp. Meerdere tegels samen zijn een stuk muur. Dat is een wezenlijk ander vraagstuk, en het is twintig minuten nadenken waard, want in stucwerk zijn fouten blijvend.
Kies eerst: raster of cluster
Er zijn twee werkbare aanpakken en geen bruikbare tussenweg. Een raster is rijen en kolommen, overal dezelfde tussenruimte, alle randen op één lijn. Dat is rustig, formeel en vergevingsgezind tegenover inhoud die niet bij elkaar past, omdat de structuur alles draagt.
Een cluster is met opzet onregelmatig en wordt opgebouwd rond een zwaartepunt in plaats van rond een lijn. Levendiger, en veel minder vergevingsgezind. Een cluster die bijna een raster is, ziet eruit als een raster dat je verkeerd hebt gedaan — de meest gemaakte fout van allemaal.
Waarom oneven aantallen
Drie, vijf of zeven tegels in een cluster. Een even aantal splitst het oog in paren en dan lees je twee groepjes in plaats van één geheel. Een oneven aantal geeft je een midden.
Rasters zijn de uitzondering: vier of zes tegels in een raster is prima, want daar doet de structuur het werk en valt er voor het oog niets op te lossen.
Tussenruimte: krapper dan je denkt
De meest gemaakte fout is te veel ruimte laten. Kleine voorwerpen die ver uit elkaar hangen, houden op een groep te zijn en worden een stuk of vijf eenzame dingen. Schuif ze dichter naar elkaar toe.
- Bij tegels van vijftien centimeter in een raster: 3 tot 5 centimeter ertussen. Meer, en het raster valt uiteen.
- Bij tegels van twintig centimeter: 4 tot 6 centimeter.
- Houd de tussenruimte binnen een raster overal exact gelijk. Afwijkingen zie je meteen.
- In een cluster mag de afstand variëren, maar houd de buitenomtrek ruwweg rechthoekig of ovaal.
- Laat tussen de compositie en de rest van de muur minstens twee keer de onderlinge tussenruimte vrij.
Foto en tekst door elkaar
Hier wordt een wand interessant. Fototegels dragen detail, teksttegels dragen ritme, en door ze af te wisselen geef je het oog een rustpunt tussen de beelden.
Eén regel houdt stand: houd de teksttegels in de minderheid. Eén teksttegel tussen vier foto’s is een clou. Half om half leest als besluiteloosheid. En heb je één tegel die zwaarder weegt dan de rest — een geboorte, een huwelijk — zet die dan in het midden van het raster of op het zwaartepunt van de cluster en laat de rest zich daarnaar voegen.
Leg het eerst op de vloer
Ontwerp dit niet aan de muur. Doe het op de vloer, recht onder de plek waar het komt te hangen, op de echte tussenafstand, en bekijk het staand van boven.
- Leg de tegels op de vloer en schuif tot de balans klopt. Fotografeer elke versie.
- Knip voor elke tegel een vel papier op exact het juiste formaat.
- Plak die papieren vierkanten in de gekozen opstelling aan de muur en kijk er een dag naar.
- Pas aan. Aanpassen is nodig, en papier kost niets.
- Zet het boorpunt door elk vel heen af, haal het papier weg en boor.
Recht krijgen
Bepaal de hoogte aan de hand van het geheel, niet per tegel: het midden van de hele groep zit op ongeveer 145 tot 150 centimeter van de vloer, of lager als hij boven een meubelstuk hangt — dan verhoudt hij zich tot dat meubel. Gebruik een waterpas op de bovenste rij van een raster en laat de rest volgen. Een waterpas-app op je telefoon volstaat.
Over de bevestiging zelf, en over welke muren plakstrips aankunnen, gaat een tegeltje ophangen en onderhouden.
Later uitbreiden
Een cluster kan meegroeien. Een raster niet, tenzij je het opnieuw ophangt. Verwacht je er een tegel bij te doen voor elk kind, elk huis of elk jubileum, begin dan als cluster en laat de buitenrand aan één kant bewust open.
Noteer welk formaat en welke stijl je hebt gebruikt, zodat een tegel die er over drie jaar bij komt bíj de andere hangt in plaats van ernaast. Vul hem daarna aan vanuit het foto tegeltje of het spreuk tegeltje, naarmate de gelegenheden zich aandienen.